Dekker lacht het laatst na chaotisch spektakel op Assen

14:11 01-08-2026

Na een waanzinnige race met 30 minuten onophoudelijke actie was na het vallen van de vlag zelfs de winnaar niet meteen bekend, zo chaotisch en spectaculair verliep de eerste race van de Mazda MX-5 Cup Benelux tijdens de Jack’s Casino Racing Day op Assen. Wouter Jansen (Tachyon Motorsport) kwam als eerste over de finish, maar het was uiteindelijk Marcel Dekker (Dekker Racing) die met de hoogste eer aan de haal ging. Tijdstraffen voor koplopers Jansen, Stijn Heere (Ferry Monster Autosport), Tomas De Backer (TDB Racing) en Mats de Veij (Dekker Racing) zorgden ervoor dat Sam Jongejan (MV Motorsport) en Chris Schuttert (Ferry Monster Autosport) het podium completeerden. Net zo verrassend was de juniorwinst van Noah Maton (TDB Racing), die vanaf de 16e plek diep de top-tien binnenstormde.

Vanaf de pole op de deels omgekeerde grid nam De Backer aanvankelijk het initiatief, duellerend met Heere, De Veij en Rocco Coronel (VDH Autosport), die samen met De Backer vanaf de eerste rij was vertrokken. Al snel gingen Dekker en Jansen zich met de strijd aan kop bemoeien, nadat ze vanaf hun respectievelijk achtste en tiende startplaats waren opgemarcheerd. Aanvankelijk zat ook Leon van Verseveld in een derde auto van Dekker Racing in de kopgroep, maar na vier ronden moest hij opgeven.

In de kopgroep waren de positiewisselingen niet van de lucht: met name in de krappe Strubben reden de auto’s regelmatig zij aan zij, waarna op de Veenslang geregeld van plekje werd geruild. Dekkers eerste poging om de leiding van De Backer over te nemen eindigde met drie plaatsen verlies, maar de race was nog lang. Een paar ronden later meldden Dekker en Jansen zich opnieuw op de staart van het leidende trio De Backer, Heere en De Veij, waarna het gedrang in de Strubben zo hevig was dat het duo in één klap de eerste twee plaatsen konden overnemen.

Ook dat was geen lang leven beschoren. Het duw- en trekwerk aan kop had het mogelijk gemaakt dat de kopgroep langzaam aan was uitgegroeid tot acht auto’s: ook Schuttert, De Kleijn en Maton sloten zich aan. De Kleijn moest voortijdig opgeven, maar zijn mede-junior Maton bleef een dreigende factor, nadat de Waal in de kwalificatie nog op de 16e plaats was blijven steken. Ook oud-kampioen Sam Jongejan was samen met Maton opgerukt en ging zich eveneens met de actie vooraan bemoeien. Daar viel Coronel juist weer uit: de gastrijder uit de Formule 4 moest opgeven.

Nu begonnen de tijdstraffen een rol te spelen: links en rechts hadden de toppers bochten afgesneden of waren ze juist wijd uitgelopen. De Veij was de eerste die vijf seconden aan de broek kreeg, daarna volgden De Backer en Heere. Hun kansen op de zege waren daarmee verkeken. Op de baan vochten Jansen, Dekker en Heere het intussen uit om de eerste drie posities, gevolgd door De Backer, Schuttert, Maton, De Veij en Jongejan – in wisselende volgorde uiteraard.

Jansen behield in de laatste ronde zijn positie aan de kop van het veld, maar het venijn zat zelfs ná de staart: kort na de finish werd zijn tijdstraf voor een valse start bekend. In zijn spoor ging Heere even dwars in de laatste ronde, waarna Dekker diens tweede plaats kon overnemen – maar dat werd dus een eerste na de straf voor Jansen.

Nadat de strafseconden waren opgeteld bij de racetijden van Jansen, Heere, De Backer en De Veij, vonden Jongejan en Schuttert zich zowaar terug op de resterende plaatsen op het podium.

Bij de junioren kwam Maton bovendrijven, gevolgd door Xavier van der Schoot (JW Raceservice), die steeds duels uitvocht op de rand van de top-tien, en Luuk Vuik (VDH Autosport).